Deze website maakt gebruik van cookies.

Gehoorschade serieus nemen!

29-05-2013 | Bron: VNPF | VVEM

De VVEM (Vereniging Van EvenementenMakers) en de VNPF (Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals) hebben met teleurstelling kennis genomen van de recente berichtgeving vanuit de Nationale Hoorstichting over gehoorschade en de link die daarbij wordt gelegd naar evenementen.

De evenementenbranche wordt daarmee in een negatief daglicht geplaatst terwijl ze al jaren bezig is met het neerzetten van goede en verantwoorde evenementen met een passend geluidsniveau en een hoge mate van beleving van de bezoekers. De evenementenbranche heeft twee jaar geleden afspraken gemaakt met de Nationale Hoorstichting (vastgelegd in het Gehoorconvenant) over de preventie van gehoorschade bij evenementen, waarin onder andere maximale geluidsniveaus zijn vastgelegd. De bij de VVEM en VNPF aangesloten partijen leven dit convenant na.

De politiek en de Nationale Hoorstichting moeten de echt belangrijke zaken aanpakken bij het signaleren en voorkomen van gehoorschade. Er moet serieus onderzoek komen naar gehoorschade, zodat we niet langer blijven steken in aannames en kretologie. Directeur Berend Schans van de VNPF: “De Hoorstichting signaleert op basis van eigen lichtvoetig onderzoek een negatieve trend en roept voor de bühne dat een steeds groter deel van de jongeren last heeft van gehoorschade. Zij durven zelfs te beweren dat evenementen en concerten steeds harder geluid produceren.” Hans Ligtermoet, directeur van de VVEM, vult aan: “En dat laatste is apert onwaar. Wij zijn juist serieus bezig met goed geluidsbeleid en het produceren van verantwoorde geluidsniveaus. We creëren steeds meer bewustzijn bij onze bezoekers. Het is gemakkelijk om met de vinger naar ons te wijzen. Maar niet het volume op een enkel evenement is de grote boosdoener maar de veelheid van geluidsbronnen die de tegenwoordige jeugd om zich heen verzamelt, waaronder mp3-spelers en spelletjes met koptelefoons. Daar zit het grote gevaar! Het terugdringen van die dagelijkse dosis is verreweg het belangrijkste.”

De brancheorganisaties roepen de politiek op om het onderwerp gehoorschade serieus te nemen. “Het echte onderzoek naar gehoorschade bij de jeugd, dat vorig jaar is toegezegd, moet nu van de grond komen. Dan kennen we tenminste de feiten. Samen met het RIVM en de vereniging van KNO-artsen zien wij vol belangstelling naar dat onderzoek uit.”

Ondertussen kan wat de muziekpartijen betreft de Nationale Hoorstichting alleen een partner zijn, als deze zich ook als deskundige partner gedraagt en niet blijft steken in kretologie. De oren van de bezoeker zijn het waard. “Wij gunnen eenieder tot op hoge leeftijd de geweldige beleving van een live-concert”, zeggen de directeuren. “Laten we daar op focussen.””.